Bidirectioneel laden van eTrucks: onderzoek binnen SPIRIT-E

Verschenen: 4 november 2026

Elektrische vrachtwagens kunnen een actieve rol spelen in het energiesysteem. Voor een succesvolle marktuitrol zijn netaansluiting, standaarden en businessmodellen nu de belangrijkste succesfactoren.

  • Haalbaarheid aangetoond: elektriciteit kan met vermogens tot 350 kW worden teruggeleverd aan lokale en openbare elektriciteitsnetten.
  • Elektriciteitshandel met eTrucks succesvol getest in een proefomgeving.
  • Slim energiebeheer kan de energiekosten gemiddeld met tien procent verlagen.
  • Eerste publieke demonstratie van Vehicle-to-Vehicle-, Vehicle-to-Site- en Vehicle-to-Grid-toepassingen met batterij-elektrische vrachtwagens.
  • De commerciële haalbaarheid van bidirectioneel laden hangt af van de depotinfrastructuur en het operationele profiel van de eTruck.

Na drie jaar is het onderzoeksproject SPIRIT-E, waaraan MAN Truck & Bus deelnam, afgerond met een duidelijke conclusie: elektrische vrachtwagens kunnen meer doen dan alleen elektriciteit afnemen. Ze kunnen ook energie opslaan en terugleveren aan het net, waardoor hun economische rendement verder verbetert. De projectresultaten werden op 30 oktober 2026 aan het publiek voorgesteld.

Onder leiding van de Technische Universiteit van München (TUM) onderzochten acht projectpartners bidirectioneel laden voor elektrische vrachtwagens en testten zij deze technologie in een praktijkomgeving op het logistieke depot van Schmid in Regensburg. Het project toonde eveneens aan hoe vrachtwagens kunnen deelnemen aan de handel in elektriciteit en netbeheerders kunnen ondersteunen bij het stabiliseren van het elektriciteitsnet.

Daarnaast onderzocht het project onder welke voorwaarden de technologie economisch rendabel kan worden voor logistieke bedrijven, netbeheerders en aanbieders van oplossingen, en identificeerde het de resterende uitdagingen op weg naar marktrijpheid.

Georg Grüneißl, Head of Product Strategy bij MAN Truck & Bus: “Binnen SPIRIT-E heeft de MAN eTGX aangetoond dat hij kan functioneren als een bidirectioneel energieopslagsysteem. We werken momenteel aan de introductie van deze functie in serieproductie. Tegelijk ontwikkelen we een adviesconcept voor onze klanten, zodat zij het volledige potentieel van deze rijdende powerbank kunnen benutten.”

Technologie: van laboratorium naar dagelijkse depotactiviteiten

Binnen het project werden bidirectionele laadfuncties ontwikkeld en getest op zowel de MAN eTGX als op mobiele en stationaire laadsystemen van projectpartner SBRS. Hiervoor stemden de partners de interfaces op elkaar af tussen voertuig, laadstation, besturingssoftware van de laadinfrastructuur, energiebeheersysteem van de site, elektriciteitshandelaar en netbeheerder.

Bijkomende projectresultaten waren onder meer een reservatiesysteem voor laadstations en software die laadoperaties van eTrucks binnen een depot optimaal kan plannen. Een centraal onderdeel van het project was de implementatie van ISO 15118-20, de internationale norm die de communicatie tussen voertuigen en laadinfrastructuur regelt tijdens laad- en ontlaadproces-sen.

In de praktijkproef leverde een MAN eTGX met 480 kWh bruikbare energie via een bidirectioneel DC-laadstation elektriciteit terug aan zowel het lokale energienetwerk van het Schmid-depot in Regensburg (V2S = Vehicle-to-Site) als aan het openbare elektriciteitsnet (V2G = Vehicle-to-Grid), met vermogens tot 350 kW. Ook het rechtstreeks laden van andere voertuigen van-uit de vrachtwagenbatterij (V2V = Vehicle-to-Vehicle) werd met succes gedemonstreerd.

Energiemarkten en netdiensten: eerste processen succesvol gevalideerd

Het project onderzocht ook hoe vrachtwagenbatterijen kunnen deelnemen aan energiemarkten. In een testomgeving van softwarebedrijf PowerBot werden scenario’s gesimuleerd waarbij een eTruck elektriciteit aankoopt wanneer de prijzen laag zijn en deze verkoopt wanneer de prijzen hoog zijn.

Via het Europese EQUIGY-platform werd bovendien aangetoond hoe elektrische vrachtwagens netbeheerders kunnen helpen om knelpunten in het elektriciteitsnet op te vangen. SPIRIT-E bevestigt daarmee dat de technische basis voor de integratie van elektrische vrachtwagens als flexibele energie-opslag in het energiesysteem vandaag al aanwezig is.

Met name depotladen is zeer voorspelbaar. Naarmate elektrische wagenparken verder groeien, bieden ze een aanzienlijk potentieel om de stabiliteit van het elektriciteitsnet te ondersteunen.

Economische haalbaarheid: niet vanzelfsprekend, maar veelbelovend

Of bidirectioneel laden economisch interessant is, hangt af van verschillende gebruikersspecifieke factoren, waaronder operationele profielen, jaarlijkse kilometrage, stilstandtijden, batterijcapaciteit, elektriciteitsprijzen, nettarieven, lokale energieproductie zoals zonnepanelen, beschikbare netaansluitingscapaciteit en de mogelijkheid om opgeslagen energie te vermarkten via energiemarkten of netdiensten.

Bidirectioneel laden is vooral aantrekkelijk voor elektrische vrachtwagens die regelmatig op een depot aanwezig zijn en minder dan 100.000 kilometer per jaar rijden. Vooral Vehicle-to-Site- en Vehicle-to-Vehicle-toepassingen bieden een aanzienlijk besparingspotentieel.

Interne projectberekeningen wijzen op gemiddelde besparingen van ongeveer tien procent, terwijl onder optimale omstandigheden energiekosten zelfs met maximaal twintig procent kunnen worden verlaagd.

Wat is nodig voor een brede marktintroductie?

De projectresultaten tonen aan dat de belangrijkste obstakels niet liggen bij de technologie van elektrische vrachtwagens of laadstations. Voor een succesvolle marktintroductie heeft de sector behoefte aan eenvoudigere standaarden voor flexibele elektriciteitshandel, een sterkere digitale integratie tussen de logistieke en energiesector en de verdere ontwikkeling van expertise bij wagenparkbeheerders.

SPIRIT-E bracht acht partners samen: Consolinno Energy, Fraunhofer IEE, Hubject, het Forschungsstelle für Energiewirtschaft (FfE), MAN Truck & Bus, de Technische Universiteit van München (consortiumleider), TenneT en SBRS.

Het project werd gefinancierd door het Duitse Federale Ministerie van Economische Zaken en Energie (BMWE), beheerd door Projectträger DLR, en liep van augustus 2023 tot oktober 2026.

Meer nieuws

Onze berichten per jaartal

Wenst u deze nieuwsberichten rechtstreeks in je mailbox te ontvangen?

* indicates required
Share This